Nummer: 
2132
Geïndexeerd bedrag : 
€ 6.993,-
Oorspronkelijk toegewezen bedrag: 
€ 7.000,-

Op een onbewaakt moment is zij tussen de spijlen geglipt van een zgn. kijktuin, gelegen bij het appartementencomplex waar zij woonde, in welke tuin een buurvrouw op dat moment met haar 17 dagen eerder uit het asiel gehaalde Staffordshire Terrier aanwezig was. De hond was onaangelijnd en ongemuilkorfd, terwijl de vrouw wist dat de hond zonder strikte begeleiding en/of controle een gevaar vormde voor zijn omgeving, met name voor kinderen. Zodra de hond het meisje zag, heeft hij haar aangevallen en meerdere keren in haar gezicht gebeten. Als gevolg van dit bijtincident heeft zij het volgende letsel opgelopen: uitgebreide wonden in haar gelaat en op haar oor, hoofd en hand, en een zeer diepe wond in haar neus. Daarnaast was het linker neusbot voor een deel gebroken. Dit kan niet worden teruggeplaatst. Mogelijk zal er in de toekomst een correctie kunnen plaatsvinden. Ook is de traanbuis van haar linkeroog aangedaan en is er een verdenking van zenuwletsel van een tak van de gezichtszenuw. Ze heeft – mogelijk blijvende – littekens in haar gezicht. De Rb. kwalificeert het letsel als zwaar lichamelijk letsel. Ze heeft immers littekens in haar gezicht die ook in de toekomst ontsierend zullen zijn. Daarnaast is sprake van letsel aan haar neus, welk letsel pas kan worden hersteld nadat ze is volgroeid. Er was verder, ook na bijna een jaar, nog altijd sprake van een asymmetrische stand van haar mond. Onduidelijk is of dit volledig zal herstellen.
Bij de toekenning van het smartengeld slaat de Rb. acht op het vorenstaande en op het feit dat het meisje vermoedelijk PTSS heeft opgelopen. Deskundigen hebben verklaard dat ze in toenemende mate klachten ervaart en dat traumabehandeling geïndiceerd is.
Voor haar ouders is het gebeuren eveneens schokkend en traumatisch geweest, aangezien zij hebben gezien hoe hun dochter meermalen werd gebeten. Er waren meerdere pogingen nodig om de hond van haar af te halen. Nadat de hond werd afgeleid, heeft haar vader zich over zijn hevig bloedende dochtertje ontfermd. Hierdoor staat volgens de Rb. vast dat de vader direct is geconfronteerd met (de gevolgen van) het bijtincident, als gevolg waarvan hij geestelijk letsel heeft gelopen. Aan de vader is daarom oorspronkelijk € 1.500,- wegens shockschade toegekend.
(beide bedragen, dus voor dochter en vader, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf datum bijtincident, 31-7-2016)