Nummer
Geïndexeerd bedrag
Oorspronkelijk toegewezen bedrag
Hij is rijdend op zijn fiets aangereden door een streekbus en zodanig ten val gekomen dat hij aan het ongeval zwaar en blijvend hersenletsel heeft overgehouden. Een verzekerde van Allianz is hiervoor aansprakelijk. Hij is blijvend aangewezen op verblijf en verzorging in een gezinsvervangend tehuis. Het letsel beïnvloedt zijn leven en dat van zijn ouders en zal dat ook blijven beïnvloeden. Hij is zich van zijn beperkingen terdege bewust en lijdt zeer onder zijn situatie. Het hof is van oordeel dat het door de rechtbank toegekende bedrag van € 200.000,- past bij de ernst van het letsel. De bedragen die plegen te worden toegewezen in de categorie “ernstig hersenletsel”, waarbij de benadeelde ernstig beperkt is, sterk afhankelijk is van anderen, continue zorg nodig heeft en sprake is van aantasting van het intellect en de persoonlijkheid, liggen tussen de € 150.000,- en € 196.000,-. Gezien de lijdensdruk ziet het hof aanleiding voor de bovenkant van deze bandbreedte te kiezen. Het hof ziet verder aanleiding het smartengeld nog verder naar boven bij te stellen vanwege de jeugdige leeftijd waarop hem het ongeval is overkomen en komt tot een bedrag van € 245.000,- . Het hof merkt op dat deze beslissing aansluit bij de Aanbevelingen voor de begroting van smartengeld op basis van art. 6:106 BW (Aanbevelingen hanteren Rotterdamse schaal (geldend vanaf 1 januari 2026)). Deze aanbeveling is weliswaar gepubliceerd na de datum van de zitting, maar bij memorie van grieven en ook tijdens die zitting is ten aanzien van het smartengeld van de zijde van appellanten aan de orde gesteld dat door de rechtbank onvoldoende rekening is gehouden met de jeugdige leeftijd ten tijde van het ongeval, zodat de verzekeraar dus voldoende tijd op die stelling heeft kunnen reageren.